Gerard van Diejen over Camp Lejeune
Hij is 19 jaar oud als hij direct na de Tweede Wereldoorlog (mei 1945) voor 33 maanden naar Nederlands-Indië vertrekt om daar te dienen als marinier. Gerard van Diejen, inmiddels 99 jaar oud, is één van de langst levende Indiëgangers. Hij diende destijds in het 1e bataljon, C-cie mitrailleurpeloton en werd opgeleid in het Amerikaanse mariniersopleidingskamp “Camp Lejeune” in North Carolina: het grootse en modernste kamp van de Amerikaanse Mariniers. Maar waarom werden Nederlandse mariniers opgeleid in Amerika?
Mankracht rekruteren
Eind 1942 werd aan kolonel M. De Bruyne een plan aangeboden met daarin de visie voor de oprichting van een marinierseenheid. Deze eenheid zou de taak krijgen deel te nemen in de strijd tegen Japan. In 1942-1943 was Nederlands-Indië (tegenwoordig Indonesië) bezet door de Japanners. Nederland zelf was in deze jaren bezet door Duitsland. Daarom werd besloten de mariniers op te leiden in Amerika.
De 250 beschikbare beroepsmariniers zou worden aangevuld met oorlogsvrijwilligers die na de bevrijding in Nederland zouden worden gerekruteerd. Het doel was een eenheid van zo’n 5.000 man realiseren. De oorlogsvrijwilligers zouden hun opleiding genieten in Camp Lejeune. Daarmee was het Nederlandse Korps Mariniers de eerste buitenlandse militaire organisatie die getraind werden op Amerikaanse bodem.
Gerard meldde zich zo rond de bevrijding van Nederland ook aan voor de reis naar Amerika. Hij las de oproep om je bij een legeronderdeel aan te melden. Hij las dat je, via een baan bij het leger, maar liefst 40 technische vakopleidingen kon volgen in Amerika. Dat leek hem wel wat! Zijn eerste keuring volgende en hij werd goedgekeurd. Met de permissie van zijn ouders kon het avontuur beginnen. Hij werd opgehaald met een legertruck en ze reden van Hengelo via Tilburg richting Oostende. Vanuit het legerkamp daar vertrok hij met de boot naar Londen om vervolgens per trein verder te reizen nar Glasgow.
Op de legerbasis op een eiland vlak bij de grote stad leerde hij de beginselen van zijn opleiding: wat wel en niet mocht. Al snel bleek dat je meer niet dan wel mocht! Gerard werd daar opnieuw onderworpen aan een strenge keuring. Toen hij goed genoeg werd bevonden voor de oversteek naar Amerika kreeg hij zijn mariniersnummer: 4502981. Dat betekent dat hij de 2.981e marinier was die in 1945 in dienst kwam. Later kreeg hij zijn officiële mariniersnummer 04096.
Camp Lejeune
Becoming a marine
Na een pittige zeereis van zo’n drie weken, waarbij ze moesten oppassen voor Duitse schepen die zich nog niet hadden overgegeven, kwam Gerard aan in Amerika. Bij aankomst in Camp Lejeune ontving hij een aanvulling op zijn kleding en werd hij voorzien van een semiautomatisch wapen. De eerste 14 dagen werd hij ingedeeld in zogenoemde vormklassen. Daarna startte de mariniersopleiding. “Die opleiding was zwaar en was speciaal gericht op de oorlog met Japan.”
De Nederlanders trainden zij aan zij met de Amerikaanse mariniers. In Camp Lejeune konden zij tevens gebruik maken van dezelfde recreatiemogelijkheden zoals theaters en sportaccommodaties. “Het mariniersopleidingskamp lag aan de New River, behoorlijk afgelegen, en had de uitgestrektheid van bijna de provincie Utrecht. Het was heel modern en er was van alles te vinden wat een normale stad ook had. Van ziekenhuizen, boekwinkels, zwembaden, wasserijen, bakkerijen tot een geconditioneerde ‘Camp-theatre’ aan toe.”
Met een nieuw doel naar Nederlands-Indië
Nederlands-Indië werd eerder bevrijd dan gedacht. Nadat Amerika Japan tot tweemaal toe gebombardeerd had met kernbommen, capituleerde Japan op 15 augustus 1945. Dit had directe gevolgen voor de Nederlandse mariniers in Amerika. De Amerikanen gaven aan de ‘Dutch Marines’ niet meer nodig te hebben. Gerard werd, en vele Nederlanders met hem, overgeplaatst naar Camp Davis, in North-Carolina. Daar vormden de Nederlanders de Mariniersbrigade, onder auspiciën van het Amerikaanse leger. Waarom? De strijd in Nederlands-Indië bleek voor Nederland nog niet afgelopen te zijn.
Twee dagen na de capitulatie van Japan riepen twee belangrijke leiders van de nationalistische beweging de onafhankelijkheid van Indonesië uit. De Tweede Wereldoorlog had het Indonesisch streven naar onafhankelijkheid meer dan ooit gevoed. De Nederlandse mariniers werden daarom ingezet om de archipel weer onder Nederlands koloniaal gezag te brengen.
Gerard werd geplaatst in het mitrailleurpeloton, bataljon C. Eerst als helper, later als schutter. Als schutter had je twee wapens: een luchtgekoeld wapen, voor in het veld, en een watergekoeld wapen, voor bij de vaste verdedigingspunten. Gerard heeft wel eens meegemaakt dat het watergekoelde wapen moest worden bijgevuld en hij niets voor handen had. Hij kon niet anders dan erin plassen. “Tja, wat moest je anders? Als het niet kan zoals het moet, dan moet het maar zoals het kan.”
In november 1945 vertrok de eerste groep met het geallieerd troepentransportschip de Noordam richting Maleisië. De tweede groep vertrok op 11 december, met de Bloemfontein. Ook Gerard. Hij was al op 6 december aan boord gegaan, om een week later te vertrekken naar Indonesië. Hij zou deelnemen aan de strijd tegen de nationalistische weerstandgroepen.